Bezittelijke voornaamwoorden ;


-Dat is mijn koffer.

-Mijn bus komt vijf minuten later aan.

-Dat is uw stoel.

-Hij kamt zijn haar.


Enkelvoud Tekil;


mijn

jouw

je

uw

zijn

haar


Meervoud Cogul;


ons

onze

jullie

uw

hun


Het zelfstandig naamwoord staat in het enkelvoud:

Isim tekil ise;



-Mijn boek ligt op tafel.

-Jouw boek ligt op tafel.

-Uw boek ligt op tafel.

-Zijn boek ligt op tafel.

-Haar boek ligt op tafel.

-Ons boek ligt op tafel.

-Jullie boek ligt op tafel.

-Uw boek ligt op tafel.

-Hun boek ligt op tafel.


-mijn tafel

-jouw tafel

-uw tafel

-zijn tafel

-haar tafel

-onze tafel

-jullie tafel

-uw tafel

-hun tafel


Het zelfstandig naamwoord staat in het meervoud:

Isim cogul ise;



-Mijn boeken liggen op tafel.

-Jouw boeken liggen op tafel.

-Uw boeken liggen op tafel.

-Zijn boeken liggen op tafel.

-Haar boeken liggen op tafel.

-Onze boeken liggen op tafel.

-Jullie boeken liggen op tafel.

-Uw boeken liggen op tafel.

-Hun boeken liggen op tafel.


-mijn tafels

-jouw tafels

-uw tafels

-zijn tafels

-haar tafels

-onze tafels

-jullie tafels

-uw tafels

-hun tafels